In een plaats van een paar duizend inwoners is er geen eten en geen drinken. Er is een tekort aan medicijnen en humanitaire hulp kan de mensen daar niet bereiken. De inwoners moeten zelfs gras eten om niet van de honger om te komen, meldde de Oekraïense krant Pravda.
Als u denkt dat ik hier een passage voorlees uit een boek over het Oostfront tijdens de Tweede Wereldoorlog, dan heb ik slecht nieuws voor u. Dit gebeurt op dit moment in Oleshky, een bezet gebied in de regio Kherson. Toch is de kans groot dat u er nog nooit van heeft gehoord.
En daarom wil ik het met u over Oleshky hebben.
In het najaar van 2020 kleurde Minsk rood-wit. Niet om tijdens het coronajaar het zorgpersoneel een hart onder de riem te steken, dat gebeurde ook, maar als protestactie tegen Lukashenko’s herverkiezing. In de weken ervoor waren er al grote protesten. Er was onvrede over het coronabeleid, de corruptie en repressie van Lukashenko. De verkiezingen verliepen precies zoals iedereen het zou verwachten: ondanks de grote onvrede was dat niet zichtbaar in de verkiezingsuitslag. Lukashenko werd herkozen met een overweldigende meerderheid. Althans, dat was de officiële lezing.
De kiescommissie had Lukashenko als winnaar van de verkiezingen aangemerkt, maar daar liet niet iedereen het bij zitten. Studenten, leraren, It-medewerkers en vele anderen gingen de straten op. Ineens stonden niet Trump en Poetin, maar Belarus vol in de aandacht.
Als Belarus tegenwoordig in het nieuws komt, dan is dat meestal in relatie tot de oorlog in Oekraïne. Dan gaat het vaak over de vraag of Rusland besluit om het noordelijke front, zoals in begin 2022, wederom te openen voor een Russisch offensief. Dat is zo een beetje het enige moment wanneer Belarus de vaderlandse media nog weet te bereiken. Juist daarom vindt morgen op zaterdag 19 september op de NDSM-werf Oost er een event plaats voor Belarus. Het eenmalige kunstevenement Make Noise is bedoeld om Belarus opnieuw onder de aandacht te brengen en de mensen die voor vrijheid streden niet te laten verdwijnen in de anonimiteit.
Vraag op een verjaardag wie Gorbatsjov was, en iemand zegt: “dat was de man die vrijheid weer naar Moskou bracht.”
In het Westen wordt hij nog altijd herinnerd als de man van de glasnost en perestrojka, de leider die de Sovjetunie een menselijk gezicht gaf. De man die geen muren bouwde, maar grenzen openstelde.
In Rusland klinkt een ander verhaal. Daar zagen velen hem als de “slapjanus” en verrader die hun eeuwenoude rijk ‘in puin achterliet.’ In de voormalige Sovjetrepublieken klinkt ook een ander perspectief. Zo herinneren ze zich in de Baltische Landen vooral de man die tanks op hen afstuurde om geweldloze demonstranten bloedig neer te slaan.
Drie perspectieven dus.
In het Westen de hervormer, in Rusland de verrader, in Oost-Europa de onderdrukker.
En misschien zegt dat verschil wel meer over onze tijd dan over hem.
De transferdeadline is vandaag verstreken.
Toch komt elke keer dezelfde vraag terug.
Mogen Nederlandse voetbalteams zaken doen met Russische clubs?
Geen zorgen, dit artikel gaat niet over voetbal.
Scroll dus niet weg, want dit artikel gaat over Rusland en over het morele geweten van Nederlandse voetbalclubs.
Wat vindt u? Is het moreel te verantwoorden om zaken te doen met Russische clubs?
Chris Woerts vindt van wel. Het is gewoon business, en hij noemde FC Utrecht denigrerend ‘moraalridders’.
FC Utrecht vond het moreel onverantwoord om zaken te doen met Spartak Moskou.
Ik vraag me af of Woerts een schuilkelder van binnen heeft gezien.
De jeugdspelers van Dynamo Kyiv en Shakhtar Donetsk namelijk wel.
Dat zijn toch even wat andere zorgen dan dat je jeugdteam degradeert.
Niet alles draait om geld. Of had je in het verleden ook spelers aan de Islamitische Staat moeten verkopen als een club uit het Kalifaat destijds de hoogste bieder was geweest?
Moreel geweten
Het gaat om een moreel geweten.
En die lijkt in de voetbalwereld vaak afwezig. Zo verkocht FC Twente Ugalde in 2024 aan Spartak Moskou.
Feyenoord wilde Ugalde weer terughalen deze zomer, maar vond de vraagprijs te hoog.
De sponsor van Spartak Moskou is Lukoil.
Dit oliebedrijf levert brandstof aan het Russische leger.
Oekraïne heeft al verschillende drone-aanvallen op olieraffinaderijen van Lukoil uitgevoerd.
Koop je dus een speler van Spartak Moskou, dan doe je zaken met een partij die direct betrokken is bij de oorlog.
Dat maakt je misschien wel medeplichtig aan de oorlog en aan Russische oorlogsmisdaden in Oekraïne.
We zijn getuige van een gevaarlijk sociaal-experiment. Elke dag komen we in aanraking met ongefilterde informatie. Je moet zelf maar uitzoeken of dat waar is of niet. Wie voortdurend wordt blootgesteld aan leugens gaat ze vanzelf geloven.
Toen Elon Musk Twitter overnam ontsloeg hij een groot deel van de moderators. Ook TikTok besloot om moderators te vervangen door AI. U kunt zelf wel invullen wat daarvan de gevolgen zijn.
In tegenstelling tot traditionele media kan iedereen op sociale media vanalles beweren. Er is geen redacteur die op sociale media controleert of iets feitelijk klopt. We zien dus steeds vaker desinformatie en samenzweringstheorieën op sociale media verspreid worden. Wordt wetenschap straks ook gereduceerd tot een mening?
Maar wat doe je ertegen? Zo zijn er mensen die zelfs de maanlanding ontkennen. Je kunt er om lachen, maar dit is zorgwekkend. Wat moet je doen als basale feiten niet meer worden geloofd? Moet je dat dan negeren of kun je het beter factchecken? Op sociale media drukken algoritmes bovendien externe links weg. Daarom heeft een droge factcheck met link slechts beperkt effect en is reageren soms beter. Daarom is het negeren van desinformatie en complottheorieën niet langer houdbaar.
Elf jaar geleden zat ik met mijn ouders en broer op een terras in Laos. We reisden door Zuidoost-Azië, en hadden af en toe wat wifi, vooral fijn om te checken hoe FC Groningen het had gedaan. De wedstrijd van FC Groningen tegen het Schotse Aberdeen (voorronde Europa League) zou normaalgesproken het belangrijkste nieuws van die dag zijn geweest. 17 juli 2014 begon zoals de meeste dagen die vakantie: geen nieuws, geen bereik en als we wel wifi hadden, dan gebruikten we het om de mooie foto’s van die dag te delen met vrienden en familie. Dat zou op 17 juli ook het geval zijn. Dachten we.
Tot we gingen zitten.
Toen we weer wifi hadden, stroomden de berichten binnen.
Langzaam drong het tot ons door: er was een Nederlands passagiersvliegtuig neergeschoten boven Oekraïne. En wij hadden er in kunnen zitten. En misschien dachten mensen dat we erin zaten. We vlogen een paar dagen eerder met de KLM ook boven Oekraïne. Misschien dachten sommige mensen wel dat wij aan boord zaten. We hadden namelijk niet aan iedereen onze precieze vertrekdatum verteld.
Iedere Nederlander weet nog waar hij was toen hij het nieuws over de MH17 hoorde. Het neerschieten van de MH17 is onderdeel van ons collectieve geheugen geworden.
En toch, elf jaar later, is er een groep Nederlanders die zegt dat de oorlog in Oekraïne ‘niet onze oorlog zou zijn.’ De slachtoffers van MH17 wilden ook niet dat dit hun oorlog werd. Maar het Kremlin maakte het wél tot hun oorlog.
Er zijn drie redenen waarom de oorlog in Oekraïne wel de oorlog van alle Nederlanders is.
Operatie Spiderweb zal een klassieker worden voor de militaire academie. Het had een Oscar kunnen winnen voor een spionagethriller. Paul Verhoeven zou er trots op zijn. Toch namen de NOS, RTL en De Telegraaf Ruslands term over wraak al snel over. Hoewel Poetin dit heeft gezegd, moeten Nederlandse media zich afvragen of je dat dan ook in de titel moet zetten.
Je wil immers niet als doorgeefluik van Russische propaganda dienen.
In een tijd waarin veel mensen alleen de kop lezen, is één woord genoeg om Russische framing te verspreiden.
Maar dat is het niet.
Rusland heeft namelijk helemaal geen reden nodig om oorlogsmisdaden te plegen. Al drie jaar niet.
Wraak betekent een reactie op onrecht. Rusland is geen onrecht aangedaan.
Een betere kop was: ‘Er wordt gevreesd dat Rusland Operatie Spiderweb zal aangrijpen om nieuwe oorlogsmisdaden mee te legitimeren.’
Als Oekraïne Rusland aanvalt, dan is het escalatie. Als Rusland Oekraïne aanvalt, dan noemen ze het Russische superioriteit.
Ik stoor me mateloos aan deze stuitende hypocrisie.
Oekraïne moet zich zowel verdedigen tegen Russische drones als tegen allerlei verdachtmakingen over zogenaamde roekeloosheid. Wat fijn dat Rusland dat niet hoeft. Zelfverklaarde onafhankelijke journalisten zullen geen kans onbenut laten om Oekraïne in een kwaad daglicht te zetten. Oekraïense aanvallen op militaire vliegvelden noemen ze oorlogsmisdaden. Over Russische bombardementen op ziekenhuizen hoor je ze zelden.
Wie escalatie in de mond neemt, moet zich melden bij Vladimir Poetin. Sinds maart 2023 heeft het Internationaal Strafhof een arrestatiebevel tegen de Russische president uitgevaardigd.
Wie zich druk maakt om escalatie, moet zich melden bij degene die met tanks zijn buurland aanviel. Niet bij degene die zich verdedigt tegen een bezettingsmacht.
Vernietigingsoorlog
Rusland viel Oekraïne aan. Daarover mag geen enkel misverstand bestaan. Rusland wilde met een flitsende aanval Oekraïne inlijven. Zo moest de Russische imperiale renaissance kleur krijgen.
Dat lijken mensen soms te vergeten.
Helaas voor Rusland, wilden Oekraïne en ook het collectieve Westen hier niet aan meewerken. Zelfverklaarde vredesactivisten lijken soms zo te volharden in hun kritiek op Oekraïne, dat ze vergeten dat Oekraïne zich verdedigt en Rusland Oekraïne wil veroveren. Oekraïne verdedigt zich tegen een agressor die enkel en alleen uit is op de vernietiging van Oekraïne als culturele entiteit. Dit noemen we etnocide: culturele genocide. Dat is geen mening. De feiten laten zien dat Rusland elk dorp en elke herinnering aan de Oekraïense cultuur wil vernietigen. Daartegen verzet Oekraïne zich.
In maart leek eindelijk de urgentie er te zijn in Europa. Trump legde namelijk een bom onder de Europese veiligheidsarchitectuur. Maar twee maanden later lijkt de urgentie alweer te zijn vervlogen. Trump wil nog altijd Oekraïne voor de bus gooien en Europeanen chanteren. Het is elke keer weer hetzelfde met EU-landen: er komt een crisis en je denkt, nu gaan ze eindelijk doorpakken. Maar vervolgens zakt de urgentie weg. Weliswaar worden er stappen gezet en dat is goed, maar niet de stappen die horen bij het huidige tijdsgewricht.
Vandaag is het 4 mei. We herdenken de oorlogsslachtoffers en vooral de Nederlandse slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust in het bijzonder. Elk jaar horen we het: “Dit nooit meer.” Het is niet alleen een belofte. Het is ook een morele plicht waar naar gehandeld moet worden. Nooit meer een dictator die de landsgrenzen met een pennenstreek verandert. Nooit meer bombardementen op steden en ziekenhuizen. Nooit meer deportaties of kinderen die bij hun ouders worden weggehaald. Toch is dat precies wat er nu gebeurt. Rusland brengt Oekraïense kinderen onder bij Russische ‘pleegouders’ en China plaatst Oeigoeren in ‘heropvoedkampen’, althans zo noemt China het. Vandaag de dag zijn er nog tal van andere schrijnende voorbeelden.
‘Dit nooit meer.’ Het klinkt zo krachtig op 4 mei. Maar deze woorden dreigen hun waarde te verliezen als Europeanen de daad niet bij het woord voegen. ‘Dit nooit meer’ gaat niet alleen over de Holocaust. Het gaat over patronen die dit mogelijk maakten en daar moeten we het over hebben.