We zeggen dat Rusland moet verliezen in Oekraïne. Maar aan de benzinepomp doen we het tegenovergestelde: we spekken de Russische oorlogskas

Trump heeft gelijk. Ja, dat hoor je mij niet vaak zeggen. En het zal ook niet vaak terugkomen op mijn website. Maar soms moet je het toegeven. Trump vindt dat Europa moet stoppen met het kopen van Russische olie en gas. Het is toch gek dat de roep om hiermee te stoppen van notabene president Trump moet komen? Want hierin heeft de Amerikaanse president gelijk. Europeanen kunnen namelijk niet beweren dat Rusland de oorlog in Oekraïne moet verliezen en tegelijkertijd voor miljarden euro’s de Russische oorlogseconomie draaiende houden. Ja, dat doen we aan de benzinepomp, en dat doen we door Russische olie en gas te kopen. De Europese Unie geeft 18 miljard euro steun aan Oekraïne tegen 21 miljard aan de import van Russische olie en gas. Dat is een ongemakkelijke waarheid. Toch moeten we het erover hebben met de verkiezingen in aantocht.
Trump
Trump heeft dus gelijk. De Amerikaanse president zei dit al eerder. In zijn eerste termijn waarschuwde hij voor de afhankelijkheid van Russisch gas voor Europese landen. Dit maakte Europese landen chantabel, Duitsland in het bijzonder. Maar die waarschuwing werd destijds niet serieus genomen. Toch had Trump gelijk.
Trump en Oekraïne
Toch duurde het maanden voordat Trump inzag dat niet Oekraïne, maar Rusland een diplomatieke oplossing voor de oorlog tegenhoudt. Rusland werpt steeds nieuwe blokkades op of komt met bizarre eisen. Desondanks liet Trump Poetin met allerlei oorlogsmisdaden wegkomen, zoals bij verschillende raketaanvallen op steden als Kyiv, Kharkiv en Odesa. En nog steeds verandert Trump voortdurend van standpunt. Kijk dus altijd naar wat Trump doet en minder naar wat hij zegt.
Daarom bekijk ik Trumps woorden over de energie-import met een gezonde dosis scepsis. Dat niet alleen. Als we het hebben over Russische olie en gas: de Verenigde Staten hebben er financiële belangen bij als Europeanen geen olie en gas meer uit Rusland importeren.
Energietransitie en America First
Terwijl Europeanen bezig zijn met de energietransitie, hoopt Donald Trump natuurlijk dat Brussel Russisch gas inruilt voor Amerikaans gas. Trump doet zijn uitspraken vermoedelijk ook niet omdat hij zo begaan zou zijn met het lot van Oekraïners. Anders had hij vooral meer wapenleveranties toegezegd aan Oekraïne. Nee, Trump zegt dit vooral omdat hij financiële kansen ziet voor de Verenigde Staten ten koste van Rusland. Dat moeten we niet vergeten.
Europa en Oekraïne
Maar zelfs als Trump het puur vanuit de America First bril bekijkt, dan heeft hij alsnog een punt. Europese regeringsleiders zeggen dat ze volledig achter Oekraïne staan. Dat dreigt alleen steeds meer een loze oneliner te worden. Zolang Europese landen Russisch gas blijven afnemen, blijven ze de Russische oorlogsmachine mede financieren. Polen stopte recent met het kopen van energie uit Rusland en spoort andere landen aan hetzelfde te doen. Toch zijn anno 2025 Hongarije en Slowakije nog steeds sterk afhankelijk van goedkoop gas uit Rusland. En via omwegen importeren ook andere EU-landen nog steeds gas uit Rusland. In een telefoongesprek met Trump beloofde von der Leyen dat de EU zelfs vóór 2027 volledig zal stoppen met Russisch gas.
Omwegen
Toch blijf ik daar weinig vertrouwen in hebben, omdat een aanzienlijk deel van de Russische energie namelijk via bijvoorbeeld India alsnog naar EU-landen gaat. India verweet Brussel hypocrisie toen Von der Leyen India aanspoorde om geen olie uit Rusland meer op te kopen. In feite doen EU-landen het zelf ook, alleen dan via omwegen. Zolang we niet eerst zelf de energieafhankelijkheid van Rusland durven stop te zetten, zijn onze mooie praatjes over Oekraïne steunen vooral voor de bühne.
Stoken met de deur wagenwijd open
Het is alsof je de verwarming aanzet, maar tegelijkertijd de deur open laat staan. Zo werkt het ook met onze steun aan Oekraïne. We kunnen de steun aan Oekraïne opschroeven, maar zolang er miljarden naar Moskou worden overgemaakt, is het stoken met de deur wagenwijd open.
Praktijk
Maar hoe dan? Hoe bouw je die gasafhankelijkheid af?
Sinds de grootschalige oorlog in Oekraïne hebben Europese landen hun afhankelijkheid van Russisch gas wel enigszins afgebouwd. Dat is zeker goed, laat daar geen misverstand over bestaan. Toch zijn Europese landen nog steeds afhankelijk van fossiele brandstoffen uit Rusland. Zo importeerde de Europese Unie in 2024 gezamenlijk voor ruim 21 miljard euro aan Russische energie. In datzelfde jaar gaf de EU ruim 18 miljard euro aan financiële steun uit voor Oekraïne.
En dat geeft te denken.
Het is begrijpelijk dat de energie-import uit Rusland niet van de ene op de andere dag stopgezet kan worden, maar het blijft opmerkelijk dat er meer Europees geld naar Moskou gaat dan naar Kyiv.
Centraal-Azië
Maar het gaat niet alleen om energie, ook om handel van andere producten. Sinds de oorlog in Oekraïne, is de handel tussen Rusland en de EU sterk afgenomen. Maar dat is de papieren werkelijkheid. Sinds de oorlog in Oekraïne importeren EU-landen uit Kirgizië aanzienlijk meer.
Sterker nog, sinds Kirgizië onafhankelijk werd, heeft de EU nog nooit zoveel met het land gehandeld als na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne. Nu gun ik Kirgizië het allerbeste, maar een handelsnatie is het nooit echt geweest. En dat is verdacht. In 2021 importeerde Europese landen voor 87 miljoen euro uit het land. In 2022 verdubbelde dit bijna tot 155 miljoen.
Kirgizië en Turkmenistan
Maar Kirgizië is geen incident. Ook de handel tussen Brussel en Turkmenistan is explosief gestegen. In 2023 handelde de EU zelfs voor 1,2 miljard euro uit Turkmenistan. Dat is niet alleen record, het is in twee jaar tijd bijna een verviervoudiging ten opzichte van 2021. Ook dat is verdacht. En sinds de oorlog in Oekraïne zijn er daarnaast ook andere omwegen gevonden. Het gaat dus niet alleen om Centraal-Azië.

Zelfreflectie
We zullen onszelf de fundamentele vraag moeten stellen: zijn Europeanen wel of niet bereid om een beetje welvaart in te leveren om Rusland te stoppen in Oekraïne? Ik ben daar niet helemaal zeker van. Om die nederlaag te realiseren moeten we zelf namelijk de mouwen opstropen.
Concreet betekent dat bijvoorbeeld dat we de sancties vooral moeten naleven. Maar tegelijkertijd ook minder afhankelijk moeten worden van Russische energie. Zowel via directe als indirecte routes. Nu importeren we goedkoop gas uit Rusland om de energieprijs laag te houden. Maar daardoor financieren we wel de Russische oorlogseconomie.
Europeanen doen te weinig
Daardoor kan de Russische economie het langer volhouden dan vaak wordt aangenomen. Dat komt dus ook door ons. Het is dus een politieke keuze. Tegelijkertijd begrijp ik ook dat iedereen een lage energieprijs wil. Maar dat is ook niet de vraag. De vraag is of Europeanen bereid zijn een beetje welvaart in te leveren voor een Russische nederlaag in Oekraïne. Die vraag hoor ik vrijwel nooit als het over de Ruslandpolitiek gaat. Het is wel de vraag die gesteld moet worden.
De rekening
De rekening moeten we vooral neerleggen bij bedrijven zoals Shell, die nog steeds handel drijven met Rusland. En natuurlijk ook bij de Russische oligarchen die genieten van hun Victoriaanse leventjes in het zogenaamde verachtelijke Europa. En dus niet bij mensen die nu al moeite hebben om hun energierekening te betalen.
Keuzes maken
Het zijn vragen die niet gesteld worden. Toch zijn het de vragen die journalisten aan politici moeten stellen. Je kunt niet voor miljarden aan Russisch gas kopen en tegelijkertijd claimen dat Rusland de oorlog moet verliezen. Wie beweert dat dat wel kan, bedient zich van populisme. Oekraïners hebben er namelijk veel meer aan als Europeanen stoppen met hun Russische gasverslaving. We zullen onszelf dus deze ongemakkelijke vragen moeten stellen. Het antwoord daarop zal mijn keuze de komende verkiezingen deels bepalen.